Compensatieregeling transitievergoeding

Vanaf 1 april 2020 treedt de Regeling compensatie Transitievergoedingen in werking. De regeling geldt voor werknemers die zijn ontslagen na minimaal 24 maanden langdurig arbeidsongeschikt geweest te zijn of wegens bedrijfseconomische omstandigheden. Werkgevers kunnen vanaf deze datum bij het UWV een verzoek indienen tot verstrekking van een vergoeding ter hoogte van de vergoeding die de werkgever aan de werknemer heeft betaald bij beëindiging van het dienstverband. Het doet er daarbij niet toe of er een procedure bij het UWV is gevoerd of dat partijen met wederzijdse toestemming uit elkaar zijn gegaan. Een werkgever moet de aanvraag tot compensatie binnen 6 maanden nadat deze is verstrekt bij het UWV aanvragen. Voor alle ontslagen die zijn gegeven tussen 15 juli 2015 en 1 april 2020 geldt dat de verstrekte vergoeding ook teruggevorderd kan worden. Dit moet dan uiterlijk 30 september 2020 gebeuren.

Werkgevers blijven niet verplicht om het dienstverband te beëindigen nadat de loonverplichting is gestaakt na 24 maanden. De belemmering om het dienstverband niet te beëindigen vanwege de verplichte transitievergoeding komt hiermee wel te vervallen. En indien de werkgever het dienstverband niet beëindigd uitsluitend om te voorkomen dat er een transitievergoeding moet worden uitbetaald heeft de Hoge Raad bepaald dat een werkgever die weigert mee te werken aan beëindiging van een slapend dienstverband voordat de werknemer met pensioen gaat, wanprestatie pleegt. De rechter veroordeelde de werkgever in dit geval tot betaling van een bedrag ter hoogte van de transitievergoeding. Ook uit andere jurisprudentie blijkt dat indien werknemers beëindiging van hun slapend dienstverband afdwingen via de rechter, de rechter meestal de werkgever veroordeeld tot betaling van een vergoeding ter hoogte van de transitievergoeding.